De wereld is moe en ik ben wereldmoe.

Het rommelt in de wereld.

De wereld is boos, het draait, het kronkelt, het dondert, het spuwt vuur, het schreeuwt om het hardst zonder te stoppen want het is zo zo zo boos. Het knarst van ongenoegen terwijl het doodsbedreigingen schrijft naar een andere partij want niet de jouwe. Het gooit stenen, het zit op een kleedje vreedzaam te protesteren, het gaat de straat op in alle kleuren van de regenboog, het zwaait vlaggen, het zingt liedjes over onvrede, het legt bloemen, het herdenkt, het rent over straat, het tekent petities, het vermoord mensen, het verminkt mensen,  het wijst mensen af, het schrijft columns, het dreigt en schopt, slaat en spuugt. 

De wereld rommelt. Over verleden, voorouders, heden, kinderen, toekomst, politiek, religie, regels, de zorg, onderwijs, de natuur, de aarde zelf en alles wat daartussen zit. Over ongelijkheid tussen alles waar ongelijkheid in valt te vinden als je maar lang genoeg blijft staren naast de ongelijkheden die zo aan de oppervlakte liggen dat je ogen er pijn van doen als een felle hete zonnestraal, verblindend, pijnlijk. De wereld is moe.

Mijn wereld.

Wat de nieuwszenders voorschotelden al die jaren over oorlogen, poltieke schandalen of het schenden van mensenrechten buiten mijn kleine wereldje van fietsen, speltbrood, liefdes, lunches, werken, avonden doorhalen, vrienden, anticlimaxen, verdrietjes, muziek, werken, dingen maken zeggen schrijven over kleine drama’s, grote drama’s binnen vriendschappen en familierelaties leek mij een ‘ver van mijn bed’ show.

Die ver van mijn bed show is stiekem mijn eigen wereld geworden. Het sloop als de kat van de buren midden in de nacht mijn slaapkamer in om vervolgens bovenop mijn veilige bed te komen liggen en daar af en toe haar nagels uit te strekken naar mijn kuiten. 

De nachtrust wordt er niet beter op zullen we maar zeggen en de harige inbreker is ook niet van plan terug naar haar eigen huisje te gaan. 

Nu zowel deze twee werelden prominent aanwezig zijn in mijn bed  en via elk medium waar ik naar luister en kijk heeft het zich genesteld in mijn hoofd  voelt  inmiddels als een  overvolle emmer.

Het stroomt over als de top van Niagara Falls. 

Mijn wereld is in tweeën gesplitst tussen wereldmoe en eigenwereldmoe en daartussen loopt een 5 baansnelweg waar menig nachtelijk straatracer van de schieweg een vreugdedansje op zou maken.

Ik ben moe van alle overwegingen en zelfreflecties. Ben ik een goede vriendin? Waarom het contact verbreekt na 4 jaar mooie vriendschap, denk ik na over de boodschap van bloemen leggen tegen de spoedwet als vreedzaam protest wanneer een ander dat al eerder als doodsbedreiging heeft gebruikt bij een andere politicus? Heeft men het recht zijn mond te houden over verkrachting, mensonterende praktijken bij de bijstand, ongelijkheid tussen vrouwen mannen, salarissen, posities, prestaties. Of ben je juist vervelend als je er wel iets van zegt? Zit iedereen zit te wachten op je mening of gevoelens en als ik mijn mond houd en mij terugtrek ben ik weer niet gezellig?

Hoe kijk ik tegen racisme aan? heb ik zelf een vooroordeel over iemand zijn afkomst? ben ik wel lief genoeg naar mijn partner? ontspan ik nog genoeg? heb ik mensen lief? waar liggen mijn grenzen?

Voel ik me schuldig of moet ik mij schuldig voelen als ik een vriendin een knuffel geef in deze rare tijden en het ook nog verboden is? Waarom doen mensen niets en als ze wat doen en waarom zo gewelddadig? en waarom kijken we elkaar met de nek aan terwijl we aan dezelfde kant staan? welke kanten zijn er eigenlijk? en waar hoor ik? wanneer voel ik mij prettig? ben ik wel goed genoeg? waarom ben ik zo boos? Waarom voldoe ik aan niemands verwachtingen en waarom wordt mij dat met een grappig bedoeld maar snijdend woord kwalijk genomen?

Laat ik mijn stem genoeg horen, ben ik slachtoffer of dader? wanneer is iemand slachtoffer of dader en misschien wel allebei? 

Moe ben ik, zo moe en ik kijk nog even naar die kat op mijn bed en realiseer me dat het inmiddels mijn kat is, mijn wereld.

Er zijn twee dingen die overeind staan in mijn wereld. Alles is waar, iedereen heeft gelijk en geen enkele post, tweet of instagrammable foto kan de lading dekken van hoe waar alles is.

We worden belazerd, we worden uit elkaar getrokken, tegen elkaar opgezet, we zijn racistisch, we behandelen elkaar als stront, de politiek deugt niet, het milieu gaat kapot, we liegen, we dreigen, schreeuwen, zijn stil, hebben vooroordelen, we schamen ons, we stellen elkaar teleur,  we verminken, we willen macht, we slopen en we zijn boos, we zijn moe.

We willen ons veilig voelen in een onveilige wereld. Daarom zoeken we groepen mensen op om bij te horen. Iemand die zegt: kom maar bij ons, wij gaan het fixen.

Maar we zijn ook een dochter, zoon, iemands ouder, vriend, vriendin, we huilen, we liggen wakker, we hebben littekens, we hebben donkere dagen, lichte dagen, we hebben nachtmerries, we lachen, we zorgen voor elkaar, we bieden schouders, steun en liefde. Hoe ongelijk we ook allemaal zijn we hebben allemaal gelijk en we zijn allemaal wie we zijn. Als we dat kunnen accepteren van elkaar zou de wereld wat minder hard te hoeven werken om te werken.

Zie de mens achter het gedrag.  Zet af en toe de buitenwereld uit (social media en tv) en die kat buiten en geniet van de stilte en kijk in de spiegel om zeker te weten dat jij nog je eigen gevoelens, behoeftes en mening hebt. 

Niemand komt mij redden van deze wereld, want ik ben deze wereld en ik omarm je met alle liefde die ik heb zodra ik een paar nachten goed geslapen heb.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *